DE EUCHARISTIE: BROOD DES LEVENS

Zijn we ooit op het idee gekomen van een Feestmaal waar de Liefde het enige voedsel zou zijn ?
Welnu! Daar is Hij, de Liefde in Persoon, Jezus die zichzelf offert, Offer van het Nieuwe Verbond.
Laten we ons Jezus voorstellen op dat moment, Jezus die heel zijn menselijk leven samenvat in een offerande van dankzegging en in een hoogste zegening. Hij legt in de handen van zijn Vader het werk waarvoor Hij op aarde is gekomen en dat Hij tot het uiterste toe heeft volbracht. Wat Hem overblijft, is zich los te maken van zijn menselijk bestaan, door tot het uiterste de last van de zondige en sterfelijke mensheid op zich te nemen in een daad van absolute Liefde, zelfgave en dankzegging, waardoor Hij met haar geïdentificeerd wordt, en zij geheel en al met Hem naar de Vader terugkeert.
Terugkeren naar de Vader, daar ligt de diepe betekenis van wat er gaat gebeuren, daar ligt de uiterste Liefde die van het lijden en de dood geen straf meer maken, maar een vrijwillige offerande, een offer van dankzegging, en een weg naar de Verrijzenis, naar de volheid van het Leven. Deze unieke beweging van terugkeer naar de Vader, doorkruist en inspireert alle momenten vanaf het Cenakel, het Lijden, de dood, de Verrijzenis, en ze wordt voltooid in de Hemelvaart. Het is dezelfde unieke priesterdaad van Christus die niet alleen in de Hemel wordt voortgezet maar ook nog op aarde en in de tijd, overal waar de Eucharistie wordt gevierd door middel van de zijnen tot wie Hij gezegd heeft:

Doet dit tot gedachtenis aan Mij.

1 Korintiërs 11,23-25


Wie zijn de genodigden aan dit Liefdesmaal, die gezocht werden aan de kant van de weg, in kloven en in de duisternis van de zonde ? Het zijn zelfs niet meer zijn dienaars, want de dienaar weet niet wat zijn Heer doet. Vandaag noemt Hij hen “vrienden” en Hij openbaart hen duidelijk wat Hij doet.
In het Cenakel te Jeruzalem zijn ze met Twaalf en het is precies aan de verrader dat Hij als eerste het stuk brood van de vriendschap geeft, als een laatste kans die Hij hem nog wilde geven.
Maar ze zijn met duizenden, met miljarden, de genodigden aan het Feestmaal. Ze zijn met miljarden en ze zijn met tweeën, want de wiskunde van de Liefde is niet die van onze rede. De Bruidegom heeft de Bruid genodigd op dit intieme Feestmaal, om met haar te zijn en zij met Hem. Op dit Bruiloftsmaal is ieder de enige van Hem die uitnodigt en die zich wegschenkt aan de armen, de gebrekkigen, de blinden, de kreupelen en de lammen, de zwakken. Allen samen zijn ze als een enige Bruid geworden, en toch wordt ieder in zijn uniek-zijn bezien. Het is alsof Jezus aan ieder schijnt te zeggen, zoals aan de leerlingen in het Cenakel te Jeruzalem :

Als jij alleen in het heelal had bestaan
Als Ik jou alleen maar in het heelal had gevonden
Toen Ik Mij in mijn menswording had neergebogen
Ja, dan zou Ik voor jou alleen dit Feestmaal hebben bereid
En zou Ik Me aan jou alleen hebben uitgeleverd
Ik ben Je Voedsel, Ik ben Je Drank
Mijn brandend verlangen laat Mij geen rust Mij te geven
Aan de tafel van een weggeschonken Liefde
Ik ben daar
Ik wacht op jou

Een moniale